Wie is verantwoordelijk als een AI-artikel een fout bevat?
Een AI-gegenereerd artikel meldt dat een beursgenoteerd bedrijf onder onderzoek staat. Het klopt niet. Binnen 24 uur staat de claim op LinkedIn, in nieuwsbrieve
24 mei 2026 · 6 min lezen · GovernanceAI-ondersteund geschreven · redactioneel gecontroleerd
Dit artikel is met AI-ondersteuning geschreven en door een redactieproces gegaan. Zie je een fout? Mail hallo@c37.ai.
Een AI-gegenereerd artikel meldt dat een beursgenoteerd bedrijf onder onderzoek staat. Het klopt niet. Binnen 24 uur staat de claim op LinkedIn, in nieuwsbrieven en in een Google-snippet. Wie krijgt de aansprakelijkheidsclaim op de mat?
Het juridische uitgangspunt is helderder dan veel redacties vermoeden: de partij die publiceert, draagt de externe verantwoordelijkheid. De operationele praktijk is genuanceerder, want verantwoordelijkheid loopt via meerdere schakels: prompt, model, reviewer, eindredacteur en uitgever. Dit artikel zet uiteen hoe aansprakelijkheid juridisch in elkaar zit, waar de grenzen liggen, en hoe je als hoofdredacteur of compliance-officer de keten aantoonbaar inricht.
De juridische basis: publicatie creëert verantwoordelijkheid
Onder Nederlands recht kan onrechtmatige content leiden tot civiele aansprakelijkheid op grond van artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad). Dat geldt ongeacht of de tekst door een mens of met behulp van AI is geproduceerd. Er bestaat geen wettelijke uitzondering voor AI-tools.
Een AI-systeem is geen rechtssubject. Het kan niet worden gedagvaard, geen schadevergoeding betalen en geen rectificatie plaatsen. Aansprakelijkheid valt daarom in beginsel op de natuurlijke of rechtspersoon die de content onder eigen naam openbaar maakt. Daarnaast kan, afhankelijk van de inhoud, sprake zijn van schending van privacy (AVG), portretrecht, auteursrecht of in uitzonderlijke gevallen strafrechtelijke bepalingen zoals smaad (art. 261 Sr) of laster (art. 262 Sr).
De AI-verordening (Verordening (EU) 2024/1689) introduceert transparantieverplichtingen voor bepaalde AI-toepassingen. Artikel 50 bepaalt onder meer dat aanbieders en gebruikers van generatieve AI in specifieke situaties moeten aangeven dat content kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd, met uitzonderingen voor onder andere journalistieke content die onder menselijke redactionele controle staat. De reikwijdte is dus genuanceerder dan een algemene labelplicht. Raadpleeg de definitieve tekst van de verordening en de uitvoeringsrichtsnoeren voor de toepassing op jouw situatie.
De keten van verantwoordelijkheid in de praktijk
In de meeste organisaties loopt content via vier of vijf handen. Extern is de uitgever het eerste aanspreekpunt; intern wordt verantwoordelijkheid verdeeld over rollen.
De prompt-engineer of contentmaker bepaalt de input. Een vage of sturende prompt vergroot het risico op feitelijke fouten. Wie vraagt "Schrijf over de financiële problemen bij bedrijf X" zonder bron of context, vergroot de kans op hallucinaties.
De reviewer of fact-checker is de eerste menselijke filter. Veel internationale persbureaus hanteren expliciete richtlijnen voor AI-gebruik; AP publiceerde in 2023 standards waarin AI-output niet als publicabele tekst zonder menselijke verificatie mag worden gebruikt (AP Standards on Generative AI, augustus 2023). Reuters hanteert vergelijkbare interne uitgangspunten.
De eindredacteur draagt de redactionele eindverantwoordelijkheid. Voor journalistieke media kan de Raad voor de Journalistiek tuchtrechtelijke uitspraken doen; deze zijn niet juridisch bindend, maar wegen mee in reputatie en eventuele civiele procedures.
De directie of uitgever draagt de civielrechtelijke verantwoordelijkheid jegens derden. Strafrechtelijke aansprakelijkheid van rechtspersonen (art. 51 Sr) of feitelijk leidinggevenden is mogelijk, maar uitzonderlijk en vereist specifieke omstandigheden.
Drie typen fouten, drie typen risico's
Niet elke AI-fout heeft dezelfde juridische impact.
Feitelijke onjuistheden
Verkeerde datum, foutief cijfer, niet-bestaande studie. Dit type fout leidt zelden direct tot rechtszaken, maar wel tot reputatieschade en de noodzaak van rectificatie. Verschillende grote nieuwsorganisaties hebben sinds 2023 publiekelijk AI-gerelateerde correcties moeten doorvoeren; CNET corrigeerde begin 2023 meerdere AI-gegenereerde financiële artikelen na geconstateerde fouten (The Verge, januari 2023).
Reputatieschade en smaad
Hier wordt het serieus. Als AI-content ten onrechte beweert dat een persoon of bedrijf strafbare feiten pleegt, kan dat onrechtmatig zijn onder 6:162 BW. De Australische burgemeester Brian Hood kondigde in 2023 publiekelijk aan een smaadprocedure tegen OpenAI te willen starten omdat ChatGPT hem onterecht in verband bracht met omkoping (Reuters, april 2023). Voor zover bekend is geen vonnis gevolgd, maar de zaak markeerde het juridische debat over AI-output en reputatie.
Auteursrechtinbreuk
AI-modellen kunnen beschermde tekst of beeld reproduceren. De uitgever die zulke output publiceert, kan aansprakelijk zijn voor inbreuk, ook bij onbedoeld gebruik. De procedure van The New York Times tegen OpenAI en Microsoft (ingediend december 2023) richt zich op de trainingskant, maar onderstreept de bredere juridische dynamiek rond AI en auteursrecht.
Wat staat er in disclaimers van AI-leveranciers?
Hoofdredacteuren die op vrijwaring door leveranciers rekenen, komen bedrogen uit. De gebruiksvoorwaarden van de grote modellen leggen verantwoordelijkheid voor output bij de gebruiker.
OpenAI's Terms of Use (versie 2024) stelt dat de gebruiker verantwoordelijk is voor content en voor de naleving van toepasselijk recht. Anthropic's Usage Policies hanteren vergelijkbare uitgangspunten. Microsoft biedt voor Copilot Commercial-klanten onder voorwaarden een Copyright Commitment, dat beperkte vrijwaring biedt voor specifieke auteursrechtclaims, maar geen dekking voor feitelijke onjuistheden of reputatieschade (Microsoft, september 2023).
Lees de actuele voorwaarden van je leverancier; ze worden regelmatig aangepast. De rode draad blijft: de leverancier vangt jou niet op. Je interne keten moet het werk doen.
Vier governance-maatregelen die risico's verkleinen
Aansprakelijkheid uitsluiten kan niet, maar het risico verkleinen wel. Vier maatregelen die in de praktijk werken:
1. Herkomstvermelding bij feitelijke claims Elke feitelijke bewering in AI-content moet terug te voeren zijn op een verifieerbare bron. Geen bron, geen publicatie. Tools als Perplexity en gespecialiseerde validatieplatforms kunnen ondersteunen, maar de redactionele regel zelf moet vastliggen.
2. Tweepersoonsverificatie voor risicocontent Content over geïdentificeerde personen, bedrijven of medische en juridische onderwerpen gaat door minstens twee reviewers. Routinecontent zoals productbeschrijvingen kan lichter worden ingericht.
3. Audit trail per artikel Leg vast welke prompt is gebruikt, welk model, welke reviewer en welke wijzigingen zijn doorgevoerd. Bij een geschil ondersteunt deze documentatie de verdediging en draagt bij aan het aantonen van redactionele zorgvuldigheid. Het ontbreken ervan is geen automatisch verlies, maar verzwakt de positie aanzienlijk.
4. Transparantie naar de lezer Vermeld in toepasselijke gevallen dat AI is gebruikt in de productie. Onder de AI-verordening kunnen specifieke transparantieverplichtingen gelden; daarnaast verlaagt openheid het reputatierisico.
Wat doe je als de fout al gepubliceerd is?
Snelheid bepaalt de schade. Hoe langer een onjuistheid online staat, hoe groter het bereik en hoe lastiger het herstel.
Corrigeer of verwijder zo snel mogelijk na ontdekking, bij voorkeur binnen enkele uren. Plaats een zichtbare rectificatie op dezelfde pagina, niet verstopt onderaan. Informeer betrokkenen actief als het om identificeerbare personen of bedrijven gaat; passief afwachten verergert de juridische positie en wordt door rechters meegewogen in de beoordeling van zorgvuldigheid.
Documenteer intern wat misging: welke schakel faalde en welke procesaanpassing volgt. Aantoonbaar herstelvermogen kan meewegen in de schadebepaling en in een eventuele tuchtrechtelijke beoordeling.
De rol van verzekeringen
Beroepsaansprakelijkheidsverzekeringen voor uitgevers en mediabedrijven (media liability, publishers liability) dekken in principe ook content waaraan AI heeft meegewerkt, mits redactionele zorgvuldigheid kan worden aangetoond. De exacte dekking verschilt per polis en verzekeraar.
Verschillende verzekeraars vragen sinds 2023-2024 bij offertes en verlengingen expliciet naar AI-gebruik en governance. Wie geen policy, audit trail of reviewproces kan tonen, kan te maken krijgen met aanvullende voorwaarden, hogere premies of beperkte dekking voor AI-gerelateerde claims. Bespreek je AI-workflow proactief met je verzekeraar of makelaar en check de specifieke uitsluitingen.
De eerste concrete stap
Inventariseer deze week welke contentstromen binnen je organisatie AI-betrokkenheid hebben en wie per stroom de aanwijsbare reviewer is. Geen namen op een lijst betekent in de praktijk: niemand verantwoordelijk. Dat is precies het scenario waarin een fout uitgroeit tot een aansprakelijkheidskwestie.
Begin klein: één tabel, vijf contentstromen, vijf namen. Daarop bouw je de rest van je AI-governance, inclusief audit trail, reviewbeleid en afstemming met juridisch en verzekeraar.